Asbestdakenwet: tientallen extra vragen Eerste Kamer

De leden van de commissie Infrastructuur, Waterstaat en Omgeving (IWO) van de Eerste Kamer (EK) hebben de regering tientallen aanvullende vragen gesteld over het wetsvoorstel dat een verbod op asbestdaken mogelijk moet maken. Ze baseren zich veelal op informatie die hen is aangereikt tijdens de deskundigenbijeenkomst op 26 maart 2019.

Enkele commissieleden twijfelen openlijk aan de door de regering geschetste gezondheidsrisico’s als de meeste asbestdaken zouden blijven liggen. Ze vragen zich af of uitstel de voorkeur moet hebben om zodoende tot een beter doortimmerd plan te komen. Enkele commissieleden laten zich positief uit over een suggestie van de Vereniging Eigen Huis (VEH) om de ’stoplichtmethode’ te gebruiken. Daarbij is het nodig alle asbestdaken te onderzoeken en in te delen in drie categorieën:
1) ernstige verwering, rood: onverwijld saneren;
2) matige verwering: oranje, op termijn verwijderen;
3) veilig: groen, kunnen blijven liggen.

Andere commissieleden wijzen er op dat ‘sommige deskundigen hebben gesteld dat dit wetsvoorstel maatschappelijk onverantwoord is, omdat de regering niet duidelijk kan aantonen dat de baten opwegen tegen de kosten’. Anderen zien meer in het koppelen van dakvervanging aan een logisch moment (zoals verbouwing, verhuizing of verduurzaming) en vragen: “Ziet de regering mogelijkheden om meer financiële ruimte te bieden, meer ruimte voor logische momenten van ingrijpen en derhalve ook meer ruimte in tijd?” En: “Wat is erop tegen om af te zien van het verbod per 1 januari 2025 en te kiezen voor een breed stimuleringspakket voor de nog te saneren daken, bij voorkeur in combinatie met mogelijke klimaatmaatregelen?”

Vrijwel alle fracties maken zich in meerdere of mindere mate zorgen over de betaalbaarheid, vragen of sprake is van ’onevenredige kosten’, wijzen er op ’dat meermalen is aangedrongen op aanvullende financiële ondersteuning’ en stellen dat de overheid uitgaat van onjuiste dan wel achterhaalde kosten per vierkante meter. De SP gaat op het punt van financiën het verst en vraagt “of de regering bereid is extra subsidie toe te kennen voor de op zich kleine groep van eigenaar-bewoners met een asbestleidak, die buiten hun schuld met een onevenredig grote financiële last geconfronteerd worden”.

Andere vragen betreffen de asbestsaneringsbranche. Die zou zich schuldig maken aan kartelvorming, wat prijsopdrijvend werkt.

Daarnaast missen EK-leden in dit verband een juridisch waterdichte definitie van ’dak’ en voorzien mede daardoor gerechtelijke procedures. Verzekeringsmaatschappijen bijvoorbeeld gaan uit van een ruimer begrip dan de overheid, aldus deze EK-leden.

Ten slotte hameren meerdere fracties op het feit dat de (gemeentelijke) overheid tekortschiet bij het op zich nemen van de regierol. Zij stellen dat ’een gemeentelijke regierol randvoorwaardelijk is voor een succesvolle sanering van particuliere asbestdaken’.

Voor alle vragen van de IWO-commissie van de EK aan de regering zie het verslag van de commissie IWO.